Hillegersberg tot van 1816 tot 1920

Hillegersberg is in 1816 een zelfstandige gemeente geworden. Tot 1816 omvatte het ambacht "Hillegersberg en Rotteban" ook  Bergschenhoek. Rotteban was het gedeelte van het ambacht dat zich ten westen van de Rotte uitstrekte (Terbregge). Het was een kleine gemeente wat betreft inwoneraantal, maar redelijk omvangrijk wat betreft gebied.

De gemeente had aanvankelijk een schout aan het hoofd. In 1825 werden het een burgemeester, wethouders, een gemeenteraad en enkele ambtenaren. De burgemeesters waren tot 1907 ook burgemeester van de in 1816 ook zelfstandig geworden gemeente Bergschenhoek.

Er is een lijst van de burgemeesters van Hillegersberg.  De laatste burgemeester van Hillegersberg was F.H. van Kempen (1924-1941).

Tot ca. 1920 bestond de gemeente Hillegersberg uit een dorp nabij de Hillegondakerk, met het buurtschap Terbregge verderop aan de Rotte en met boerderijen door heel het gebied. 

In 1840 had de gemeente Hillegersberg 233 huizen met 1.988 inwoners, verdeeld in dorp Hillegersberg 119 huizen met 1.480 inwoners en de buurtschappen De Heul 23 huizen en 120 inwoners, Zwaanshals 37 huizen en 175 inwoners, Zwaaneiland 14 huizen en 39 inwoners , Bergsche Verlaat 9 huizen en 38 inwoners en Terbregge 31 huizen en 136 inwoners.

Vanaf 1850 werden verschillende plassen drooggelegd. In 1853 is de ambachtsheerlijkheid Hillegerberg, Rotteban en Bergschenhoek verkocht. Enkele rijke Rotterdammers kochten gronden aan het water op en stichtten grote buitenplaatsen in het gebied.

In de eerste helft van de 19e eeuw  was een bekende Hillegersbergenaar de schoolmeester en schrijver Willem van den Hoonaard  (1788-1862).

Hillegersberg  rond 1880, de komst van pleziertuinen

Rond 1880 begon de groei en ontwikkeling van Hillegersberg als forensengemeente van Rotterdam. In 1885 telde Hillegersberg 2.000 inwoners. De bevolking was vooral agrarisch georiënteerd. Er waren ook wel andere ambachten. Zo waren er bijvoorbeeld de 'zakkenwassers': jute zakken, waarin verschillende goederen werden opgeslagen, werden in de plassen uitgewassen.

Rotterdammers gingen ‘het buiten’ Hillegersberg ontdekken. Rijkeren zij kochten de inmiddels verwaarloosde en in vervalgeraakte Hillegersbergse buitens, sloopten deze en bouwden nieuwe eigentijdse villa’s en herenhuizen. Minder welgestelden zochten ontspanning in de landelijk gelegen, waterrijke gemeente. Langs de Straatweg (tot 1916 Bergweg geheten) verrezen pleziertuinen waar op zomerse zondagen aan de Bergse Plassen worden doorgebracht.

Een van de meest geliefde pleziertuinen was De Tuin van Vrouw Romein. In 1880 begon Vrouw Romein een koffiehuis in een boerenwoning op het terrein van het voormalige Lommerrijk, vlak bij de Tivolibrug. Er waren schommels en rekstokken. Roeibootjes waren te huur. Iets verderop lag de theetuin Tivoli. In het speeltuintje daar was een draaimolen. Weer verderop (vanuit Rotterdam gezien) was er de jardin de plaissance. De naam Tivoli is wel bijzonder... lees Tivoli eens van achter naar voren, je krijgt dan ilovit: I lov' it! In 1882 was Gerardus Adrianus Freericks (1825-1904) daar begonnen met de exploitatie van wat in de volksmond bekend stond als "de tuin van Freericks". Deze tuin hoorde bij het logement "Het Wapen van Holland" aan de Bergse Dorpsstraat (anno 1799).

Hillegersberg rond 1880, de komst van het openbaar vervoer

Hier waren vele attracties: een wandeltuin, een “Chinees paviljoen”, een speeltuin en een draaimolen, hoge ijzeren hobbelpaarden, waterfietsen en roeiboten. Freericks had al voor 1882 een onmibus naar zijn restaurant laten lopen, vanaf 1882 reed een paardentram vanuit de stad over de Bergweg naar eindpunt Tivolibrug. De tram bracht de mensen naar de plassen, 's zomers om er te varen en 's winters om er te schaatsen. Overigens waren ook de theetuinen menigmaal het einddoel. Een extra vreugde was het als een rit in de open tram kon worden gemaakt. In Hillegerberg kon men ook weer verder reizen naar Bergschenhoek en Bleiswijk. Op 23 januari 1934 werd "het Wapen van Holland" door brand verwoest.

In april 1897 bechreef J. Stout in "Omgeving en geschiedenis" het aldus: "Een geliefkoosde wandeling van vele Rotterdammers is de Bergweg. Heerlijk wordt hij beschaduwd door een dubbele rij boomen. Aan weerskanten liggen mooie vila's met keurig aangelegde tuinen. Verscheidene speeltuinen geven gelegenheid tot verfrissing en vermaak. Schommels, wippen, rekstokken, ringen en andere toestellen lokken de kinderen en ook wel volwassenen tot spelen. Tot roeien is er eveneens gelegenheid, roeien op de uitgestrekte Bergsche plassen. 's Winters vermaken zich duizenden schaatsenrijders op de spiegelgladde banen. De grootste tuin van vermaak ligt aan het einde van den Bergweg in het dorp Hillegersberg. Een tram en een tram-omnibus voeren gestadig de reizigers van Rotterdam naar Hillegersberg en terug.".

Openbaar vervoer na 1924

In 1924 startte de TOD, de Terbregsche Omnibus Dienst. De TOD groeide en had op het laatst, in 1937, een drietal lijnen met een 10- minutendienst: Lijn T van Rotterdam-Hofplein via de Bergweg en de Molenlaan naar Terbregge, lijn S van Rotterdam via de Staatweg en de Kleiweg naar de Adrianalaan in Schiebroek en lijn R van de Rozenlaan via de Kleiweg naar Rotterdam. De gemeente Rotterdam nam lijn T in 1937 over voor 85.000 gulden. Het openbaar vervoer werd voortgezet door de RET.

De omvang van Hillegersberg van ca. 1880 - 1941

De gemeente Hillegersberg was groot. Met veel landelijk gebied, het huidige Ommoord en een groot deel van Het Lage Land is nog steeds kadastraal bekend als Hillegersberg. De grens tussen Hillegersberg en Rotterdam lag oorspronkelijk aan het einde van de Bergweg. Dit voor de dorpskern van Hillegersberg excentisch gelegen deel van de gemeente Hillegersberg (Liskwartier en Bergpolder) zou op initiatief van Rotterdam intensief bebouwd gaan worden. Voor een gemeente als Hillegersberg was dat toen een (te) grote opgave. Het kon maar beter worden overgedragen... In 1903 ging 197 hectare grond met zijn inwoners van Hillegersberg naar Rotterdam. De gemeente Hillegersberg kreeg van Rotterdam voor deze overdracht 100.000 gulden.

Zo was het aantal inwoners van Hillegersberg afgenomen. Maar vanaf 1920 groeide de gemeente weer sterk. Een belangrijke bijdrage leverde o.a. wethouder Maarten Dijkshoorn, die na 40 jaar gemeenteraadslidmaatschap in 1927 afscheid nam. Hij kreeg bij besluit van 6 december 1927 een bijzonder afscheidscadeau: een nieuwe laan werd naar hem genoemd. In 1931 telde de gemeente 15.000 inwoners, in 1936 21.000 en in 1941 26.000. Deze groei was het gevolg van de grote woningbouwprojecten die waren gerealiseerd rond en na 1920. Het Berglustkwartier werd ontwikkeld, daar kwamen naast herenhuizen ook de eerste 'woonblokken' van 3- en 4-hoog met verschillende woningen. In dezelfde jaren werd ook veel gebouwd in het Kleiwegkwartier. 

Hillegersberg had een grote aantrekkingskracht voor nieuwe welgestelde bewoners,onder andere vanwege de Bergse Plassen, en trekpleisters als het Plaswijckpark en Lommerrijk. Met de ruim 26.000 inwoners beschouwde Hillegersberg zich meer en meer als een stedelijke gemeente. Hillegersberg hoorde in grootte tot de top-10 van de provincie Zuid-Holland. Er waren goede verbindingen met de stad Rotterdam. 

Op 10 mei 1940 breekt de oorlog uit. Het gemeentebestuur blijft zijn werk doen, zo goed als dat kan. Na het bombardement van Rotterdam was lijn 10 op 28 mei 1940 de eerste tram die over op de Coolsingel reed, van Hillegersberg in de richting van de Westzeedijk naar Spangen, zij het overigens met gesloten deuren. 

De gemeenteraad van Hillegersberg ziet in zijn vergadering van 14 mei 1941 een mogelijke annexatie als onvermijdelijk. Op zaterdag 17 mei 1941 is er in de achterzaal van het Plaswijckpaviljoen een mogelijkheid voor de bevolking om in discussie te gaan met de burgemeesters en wethouders van Hillegersberg, Schiebroek, Overschie en IJsselmonde over een aanstaande samenvoeging met Rotterdam. Het verandert niets aan de zaak.

Het gemeentebestuur nam nog enkele 'historische' besluiten. Als een soort verzetsdaad werden nog voor de annexatie de Bergsingel en de Verlengde Bergsingel omgedoopt in de Burgemeester F.H. van Kempensingel (besluit van B&W van Hillegersberg van 15 mei 1941). Bij besluit van 23 juni 1941 kreeg Adrianus Johannes Breedveld (wethouder van 1919 - 1931) een singel naar zich genoemd. 

Op 31 juli 1941 vindt de laatste gemeenteraadsvergadering van Hillegersberg plaats. Er wordt een afscheidsreceptie gegeven in het Plaswijckpaviljoen. 

Op 1 augustus1941 verloor Hillegersberg zijn zelfstandigheid en werd onderdeel van Rotterdam.